print-header

Haantje met gueuze en witloof

Dit heb je nodig

  • 2 3 haantjes
  • 2 dl gueuze
  • 1,5 dl kippenbouillon (1/2 blokje opgelost in 1/2 dl heet water)
  • 1 kg witloof
  • 0,5 dl room
  • 5 el boter
  • 1 el bloem
  • nootmuskaat
  • pezo

Zo maak je het

  • Schik de haantjes in een ovenschotel en kruid ze met pezo.
  • Verdeel enkele nootjes boter over de haantjes en schuif ze in de voorverwarmde oven op 250C.
  • Laat ze gedurende 15 minuten bakken tot ze goudbruin kleuren.
  • Giet er de gueuze overheen (u kan de gueuze het best wat verwarmen om het stukspringen van de schotel te voorkomen).
  • Laat nog 35 45 minuten verder bakken op 180C .
  • Bedruip de haantjes regelmatig met het braadvocht.
  • Zorg ervoor dat er voldoende braadvocht in de schotel blijft (indien nodig kan u nog wat gueuze toevoegen).
  • Bereid intussen het witloof: laat 3 el boter kleuren in een brede kookpan en leg er de stronkjes witloof in .
  • Bak ze goudbruin en kruid met nootmuskaat en pezo.
  • Zet het deksel op de pan en laat nog ongeveer 20 minuten op een zacht vuur stoven.
  • Als de haantjes gaar zijn, giet u het braadvocht in een braadpan en laat u het gedurende 2 tot 3 minuten inkoken op een hevig vuur.
  • Voeg 1,5 dl kippenbouillon toe en bind met een mengsel van 1 el bloem en 1 el zachte boter.
  • Werk af met de room.
  • Schep de witloofstronken in de pan en wentel ze in de saus.
  • Laat samen nog 2 3 minuten op het vuur staan.
  • Serveer met kroketten.